The art of retention (2)

goed geprobeerd

(Dit is het tweede artikel in een razend spannende trilogie. Lees het eerste deel hier)

Als er nu eens één ding is waar ik nóg meer van houd dan aan allerlei voorwaarden gebonden reductiebons, zijn het wel enquêtes. Ik vind het HEERLIJK hoe men peilt hoe ontevreden je precies bent, zelfs nadat je een (tot op heden door hen onbeantwoorde) e-mail hebt gestuurd waarin je die zure smaak in je bek met handen, voeten en metaforen bij de vleet hebt uitgelegd. Die e-mail zal ook niet meer beantwoord worden, want op het moment dat je die bevraging ontvangt is jouw dossier bij hen gesloten. Zo, dat hebben we weer goed gedaan zeg! Een gouden ster voor Angeline, weer een gestrande zeester terug in het water gewipt.

Ikzelf ben nooit een cijfermannetje geweest. Ik ben er ooit in geslaagd om 13 % op een examen wiskunde te scoren. De commentaar was de volgende:

Tho, of je nu slim of dom bent laat ik in het midden
Lui ben je alleszins

Nagels met koppen. Vanuit mijn administratieve achtergrond begrijp ik het gemak van getallen, maar wanneer het zoiets fragiels als het langzaam opgebouwde vertrouwen van een relatie betreft drukken ze mijn inziens niet altijd precies uit wat er aan het handje is. Daarvoor zijn woorden nu eenmaal beter. Daarom een laatste poging:

  • Bol.com, langzaam waren we de liefde aan het bedrijven. Je keek me aan alsof we elkaar begrepen, zette je schrijlings op me, en scheet me vervolgens helemaal onder.
  • Bol.com, we kochten samen een appartement. Jij wou een grote living, want die zijn uitermate geschikt om feestjes in te doen, zo overtuigde je me. Ik kom op een dag terug van het werk, om je in het midden van een daklozenorgie aan te treffen op onze hardhouten vloer. Schuldbewust kijk je me aan, om vervolgens heel het parket onder te schijten.
  • Bol.com, je trakteert me op een ijsje. Ik schijt mezelf onder. Ik ben lactose intolerant. Als je me een béétje kent had je dat geweten
  • etc…

Je begrijpt waar ik naartoe wil. Mijn mening is dat ik niet blij ben met jullie lamme antwoord. Mijn mening is dat een kortingsbon korting moet geven op ALLES wat jullie verkopen, of dat je ‘m anders maar in een klein bolletje rolt en in je voeg propt. Mijn mening is dat wanneer mensen de moeite doen om een e-mail te sturen je er eentje terugstuurt in plaats van hen lastig te vallen met kut-enquêtes.

Steeds tot uw dienst,

Tho.

Benieuwd naar het slot? Hier zo!

The art of retention

bol

Sinds een aantal jaren spendeer ik af en toe m’n zuurverdiende gouden dukaten op het internet aan spullen die ik niet altijd even hard nodig heb, maar op dat moment toch ECHT WEL. Dat de leveringen vaak een pain in the ass zijn neem ik er als kinderziekte graag bij, zeker gezien bedrijven zoals Boxigen hard aan het werk zijn om die aambei vakkundig te verwijderen. De hoogste tijd voor bol.com en consoorten om te timmeren aan langdurige klantenrelaties, vertrouwen en alles wat nodig is om nog meer geld uit de zakken van de verveelde werkmens te troggelen, zou je dan denken.

Onlangs ontving ik een onschuldig ogend mailtje van de grootste online retailer der Nederlanden, bol.com, met de boodschap dat ze me misten, en dat het de hoogste tijd was om nog eens te grasduinen door hun virtuele winkelrekken. Zeven en een halve euro zouden mijn deel zijn als dank. De mens die een korting niet apprecieert moet nog geboren worden, dus argeloos liet ook ik me overtuigen om wederom achterwaarts in de reet te worden genaaid door een gewiekst marketingteam. Of dat hadden ze gedacht:

Bol.com1

Zo, dat is dan opgelost. Binnenkort een verregend boekje uit m’n brievenbus pellen en me lekker ontspannen. Niet volgens Angeline:

Bol.com2

Dit is de eenentwintigste eeuw. Mensen lezen geen kleine lettertjes meer. Sinds ik een smartphone heb ben ik gestopt met de kleine lettertjes op de achterkant van shampooflessen te lezen, en heb ik al de rest ook maar meteen gelaten voor wat het was. Waar ik niet mee gestopt ben, is het associëren van eerdergenoemde minusculen met het schijt:

Bol.com4

We zijn nu twee dagen later, ik heb nog steeds geen antwoord terug gehad, en zal bijgevolg een nieuwe webwinkel moeten zoeken. Waarschijnlijk zijn ze gechoqueerd door de typo’s die het gevolg van m’n alles verblindende teleurstelling zijn. Tja, het is niet de eerste keer dat corrigerende slipjes me met een wrang gevoel achterlaten.

Lees het spannende vervolg hier!

Rare jongens die Japanners

Reeds vijf jaar ben ik vaste klant bij de MIVB, het Brussels openbaar vervoer. Ik maak dagelijks gebruik van hun “diensten” om me richting mijn teergeliefde administratieve job te bewegen, en dat ben ik eufemistisch gezegd kotsbeu. Niet dat ik niet houd van het buitenleven (overstappen, ofte een kwartier in der regen staan) of het menselijk contact (wie heeft die wind gelaten? Wat drukt daar tegen mijn been?), maar verandering van spijs doet eten.

Teneinde deze waanzin lam te leggen ben ik een tijdje geleden beginnen zoeken naar een voertuig waaraan ik zo weinig mogelijk kosten heb, me beschermt tegen de uitspattingen van het Belgische zwerk en plaats biedt aan maximaal twee personen en dus erg compact is. Toen ik onlangs de Toyota i-Road ergens zag opduiken tijdens mijn speurtocht had ik een onvervalst “eureka!” moment. I want this shit!

iroad

Dan maar de googlemachine induiken op zoek naar een releasedatum voor Europa, mijn spaarrekening op de hoogte brengen van zijn kale, erg nabije status, en een zonnebril gaan halen om in m’n toekomstige handschoenkastje op te bergen. Die laaghangende zon kan bij tijd en wijle een serieuze klootzak zijn. Helaas leverden m’n queries niet de verhoopte resultaten op wat betreft de dag van nooit meer MIVB, dus heb ik m’n geluk beproefd door een briefje naar Toyota te sturen en te vragen hoe het zit. Straight from the horse’s mouth, zoals men het westelijker van hier al eens durft uitdrukken.

Toyota1

Zoals het een goede klantendienst tegenwoordig betaamt kreeg ik een paar uur later al een gepersonaliseerd antwoord:

Toyota2

Balen dat men zelfs bij Toyota niet wist hoe de vork aan de steel zat betreffende m’n zilveren zetpil, maar oh boy… Ik denk dat ik m’n staartbeen eventjes voelde kwispelen! Dat ik niet op een door de administratie gekneede zuurpruim was gebotst was an sich een grote meevaller, maar hetgeen m’n bloed werkelijk sneller deed stromen waren de beloftes die me werden gemaakt. Ik glimlach namelijk erg graag, en nog liever krijg ik pakjes toegestuurd gevuld met verrassingen. Eén van de beste aspecten van de periode rond Sinterklaas vind ik dat je een brief met een lelijke tekening erin en een verzonnen adres erop naar de post kan sturen, en een postpakket terugkrijgt met rommel allerhande in (ik ben gestopt met tekenen toen men consequent Alpro soja crap bleef opsturen). Met dank aan de Sint en al z’n uitgebrande handlangers!

Toyota3

Een paar dagen later was het van dattum en vond ik in mijn brievenbus een kaartje met vermelding dat er een pakket op me lag te wachten in het postkantoor van station Brussel Noord. Hun openingsuren kunnen gerust meedingen met wat men je op een gemiddeld gemeentehuis durft aandoen, maar voor gratis spullen stop ik met plezier een uurtje eerder met werken. Dat men me niet de sleutels van een Toyota IQ zou opsturen had ik verwacht, maar ik glimlach dan ook al voor veel minder. Een iPad met de Toyotajingle op als verwelkomingstoon! Een radiogestuurde mini iRoad! Een handgeschreven noot van Akio Toyoda (de CEO van Toyota “The more you know”) met daarop een welgemeende “Sorry”! In mijn hoofd is de sky the limit, en ik was er klaar voor. Le moment suprême:

IMG_20160215_165214

Een redelijk dik pakket was mijn deel. Het rammelde, en voor de rest zat er iets in dat wat weg had van een kartonnen doos die open was langs de voorkant. Hilarisch, ze hebben me kauwgum gestuurd om aan aan al m’n walmende medependelaars uit te delen! En in die kartonnen doos zal een miniatuur replicaatje zitten van de iRoad of zo… Helaas, niets van dat alles. Ik kreeg een briefje waarop met plakband een smileybutton was bevestigd, een pot jellybeans met instructies hoe je de Net Promoter Score van je bedrijf kunt verhogen, en een opvouwbare frigobox. Bizar, maar desalniettemin is de geste geapprecieerd. Of hoe je een gegeven paard niet in de bek kijkt, maar over het op het internet posten heeft men niets gezegd!

 

 

Teleurstelling en Toni

Toni2

Een tijdje geleden werd ik door één van m’n beste vriendinnen overtuigd om mee te doen aan een facebookwedstrijd. Ik vind dergelijke likefests in de regel achterlijk, en heb ook maar weinig vertrouwen in de uitkomst ervan. Hoeveel volk ken je nu eenmaal die zo’n dingen winnen? Ik alvast bijna niemand, want mensen die op m’n wall verschijnen boven een “like & deel”-post worden steevast verwijderd uit m’n digitale vriendenclub. Internetdarwinisme op z’n best.

De vriendin in kwestie liet echter uitschijnen dat zij -of iemand die ze kende- de hand had in de uitslag (of dat is toch wat ik er in m’n hoofd van had gemaakt) en ik dacht dat ik zeer binnenkort een glazen cocktailvat van drie liter rijker ging zijn. Ik likete en deelde, en stierf een beetje vanbinnen, want dat is wat er gebeurt als je je principes overboord gooit voor een prul van vijftig euro. Na een week wachten kwam de nieuwsbrief (wedstrijdresultaten incluis) van de site in kwestie en was ik weer een kortstondige illusie armer. Ik zou m’n wodka nog wel even verder uit de fles drinken.Teleurgesteld schreef ik me dan maar uit voor de nieuwsbrief (Bedriegers! Nozems! Seksisten!) en liet ik volgend bericht na bij de reden waarom ik niet meer op hun mailinglist wou staan:

toni-dc-uitschrijfreactie2

 

Niet m’n mooiste moment, maar ik was dan ook wel echt enorm teleurgesteld. Groot was mijn verbazing toen ik plots een briefje terugkreeg van de hoofdredacteur van het online magazine (ik ben er redelijk zeker van dat de volledige redactie, het hygiënisch personeel en de catering allemaal één en dezelfde persoon zijn, namelijk de hoofdredacteur, maar goed):

Toni reactie

Een beetje uit m’n lood geslagen en me de grootste lul op aard voelend heb ik me uiteraard verontschuldigd. De ongemanierde hooligan die ik in mijn eerste reactie was, is niet de man die mijn moeder heeft opgevoed; dat heeft het internet gedaan.

Tho reactie

Ik heb Toni nooit meer gehoord, maar vernam van een klein vogeltje dat hij dit op z’n facebookwall heeft gepost, een hele hoop likes mocht verzamelen, en af en toe, samen met de volledige reactie, nog eens gniffelt om de onzin die het internet hem onverwachts bracht.